vrijdag 9 augustus 2013

Joe Orton

op 9 augutus 1967 werd de Engelse toneelschrijver Joe Orton door zijn aan zware depressies leidende partner Kenneth Halliwell met wie hij al zestien jaar samenleefde met een hamer om het leven gebracht, terwijl Halliwel met een overdosis Nembutal tabletten een einde aan het zijne maakte.



Berichten uit een kippenhuis (fragmenten) (3)


In de kast staat nog een doos gevuld met brieven, dagboeken, kaarten en foto's die me geregeld weer terugvoeren naar mijn dagen in het kippenhuis.

Het was mij echter geheel ontschoten dat ik indertijd ook een plattegrond van het complex had gemaakt en allerlei zaken had genoteerd met betrekking tot de eierenproductie, mijn werktijden etc.



In totaal liepen er verdeelt over drie-en-een-half kippenhuis dus 15.500 kippen in de rondte, die dagelijks goed waren voor zo'n 11 tot 12.000 eieren, die de selectie overleefd hadden welteverstaan.
 
Bij een gewicht tussen de 51 & de 69 gram was er sprake van een goed ei. Alles wat zwaarder en lichter was werd apart gelegd, wat natuurlijk ook gold voor de kapotte en misvormde exemplaren.
Zwaarder wees doorgaans op de aanwezigheid van dubbele dooiers wat onder de lamp toch altijd een fascinerend beeld gaf.

De dag op de kippenfarm begon voor mij doorgaans rond een uur of zeven en duurde tot een uur of vijf zes. En er waren weken dat ik elke dag werkte, maar goed daar tegenover stond de opeenstapeling van overuren, waardoor ik er geregeld een dagje of langer tussen uit kon om eens goed om me heen te kijken en iets van het land te zien, een drang waar ik maar wat graag gehoor aan heb gegeven. (zie daarvoor toekomstige kibbutznotities)

**

Naast de wisselende collega's uit de volunteers rangen werkte ik vooral samen met H & U die beide buiten de kibbutz woonachtig waren. De eerste een Arabier en de tweede een Arabische Jood uit een naburige moshav, waar wij geregeld onze boodschappen deden aangezien het aanbod aldaar een stuk groter was dan in de kibbutzwinkel en de wodka spotgoedkoop. En ja dat wist U ook.
 
Hoewel de taalbarrière me soms tot waanzin dreef, waren hun werkmethodes tegen het hilarische aan. Vooral het feit dat elke handeling vooraf gegaan moest worden door ellenlange discussies, inclusief armgebaren, het theatrale weglopen etc. De hele dag door werd het ene na het andere toneelstuk opgevoerd, en toch was alles op het einde van de dag gedaan.

**

Eén keer per week dienden er steekproefgewijs enkele kippen (zowel haan als hen) gewogen te worden. Met een houten vouwhek omsingelde we een aantal van hen, zette de weegpaal in het midden waar ze ondersteboven aan opgehangen diende te worden, en noteerde de resultaten. Hoewel je er op een gegeven moment wel bedreven in raakte en je in één enkele beweging de kip te pakken had, was het niet onverstandig om handschoenen aan te hebben, vooral wanneer je het met een haan te doen had. Territoriale driften mogen dan een natuurlijk verschijnsel zijn, er waren momenten dat ik zonder kon.

**

donderdag 8 augustus 2013

Kibbutznotities (2)


 
De volunteersverblijven waren verreweg van luxe te noemen, maar ik heb ze zonder enig probleem negen maanden lang als zijnde mijn thuis beschouwd. Oké, we sliepen met drie man op een niet al te grote kamer, met meubilair (bed, kast, tafeltje, stoel) waar de nieuwigheid al enige tijd vanaf was, tussen wanden die onder de grafiti zaten en we dienden ons te douchen in een ruimte die levendiger was dan diegene die er gebruik van maakte. Maar zoals we in militaire dienst al riepen : 'lekker belangrijk'. Je had een bed, je had te eten en meer info en indrukken dan je thuis ooit te verwerken zou krijgen. En op de achtergrond hoorde ik mijn grootmoeder al zeggen: 'jongen, wie het minst verwacht, ontvangt het meest'.

Ik zal dan ook nooit die twee meiden uit Londen vergeten, die bij aankomst niet veel anders bij zich hadden dan wat ze doorgaans meesjouwden op hun vakanties naar Lloret de mar of waar ze dan ook gewend waren zich straalbezopen uit te laten …. – maar goed laat ik niet te veel in generalisaties vervallen – dat liet ik toendertijd ook al over aan de kibbutz jeugd, waarover later vast meer. De dames hadden dus duidelijk één of ander zomerkamp in gedachten, terwijl de kibbutz toch echt iets anders voor hen in petto had, waardoor ze uiteindelijk nog geen dag later weer op hun hoge hakjes richting bushalte verdwenen, al had ik ze maar wat graag tussen de koeien of de kippen gezien

Naar mijn idee waren we dus van alle gemakken voorzien. De tegoeden voor de kibbutzwinkels hingen mogelijk niet over, en van de beloofde uitstapjes kwam ook niet altijd iets terecht. Maar het had zeker zijn voordelen om op een kleine, zogenaamde arme kibbutz terecht te komen. Zo hoorde je over de kibbutzim waar meer geld voorhanden was vaak genoeg verhalen dat er nauwelijks naar de volunteers werd omgekeken, wat toch zoiets is als op vakantie gaan naar griekenland, met een geschiedenis van hier tot, en niet verder komen dan het strand, terwijl ik dagelijks de meest uiteenlopende gesprekken had, over hun leven, hun geschiedenis, de politiek, en daarnaast regelmatig bij hen thuis werd uitgenodigd voor de koffie, om mee te eten en voor nog meer verhalen. Dat ik geregeld wat spaargeld aan diende te spreken, bijna 60 uur per week aan het werk was, was in mijn ogen dan ook meer dan verwaarloosbaar

**
vanaf de watertoren
had je zonder twijfel
het beste uitzicht
op de kibbutz

niet dat de werkelijkheid
er opeens
zoveel mooier op werd

maar de afstand
had iets geruststellends

zoals meisjes in de verte
 
**

het zwembad
begreep

hoe de wolken bewogen

& in de schuilkelder
viel een woord

**

Boven de eetzaal (chader ochel in het Hebreeuws & ja wij verlegden regelmatig de klemtoon) bevond zich de Moldairn, een ruimte waar de kibbutzniks na het avondeten vaak bijeenkwamen om een kop koffie te drinken, een spelletje te spelen, magazines (ik denk dat ik aldaar wel tientallen jaargangen van National Geographic heb doorgespit) dan wel kranten te lezen of tv te kijken, om ondertussen de gebeurtenissen van de dag (veelal politiek) te bespreken. De wijze waarop bijvoorbeeld een bomaanslag in Tel-Aviv, Jeruzalem of Haifa gerelativeerd werd, is iets waar ik me altijd over verbaasd heb. Maar dat ik het deels heb overgenomen valt echter niet te ontkennen.



Aangezien wij volunteers daar geregeld bivakkeerden gingen de gesprekken ook vaak in het Engels. Op zich wel gemakkelijk maar dat heeft er ook voor gezorgd dat ik het Hebreeuws of eigenlijk zou ik Ivriet moeten zeggen,  nooit machtig ben geworden. Op enkele woorden en zinnen na, die nu overigens ook al weer grotendeels verdwenen zijn. Zelfs een korte cursus van één van de oudere kibbutz bewoners heeft daar weinig aan bijgedragen, Je sprak het niet – je dacht het niet.

Maar ik zal het altijd een fascinerende taal blijven vinden, en zo nu en dan haal ik het woordenboekje English - Hebrew weer tevoorschijn , al was het maar om het woord relativeren op te zoeken.

**
Op de dag dat ik na mijn tweede verblijf op de kibbutz, weer huiswaarts zou keren, was ik 's morgens nog even in het Dizengoff Center te Tel-Aviv geweest om de nodige cadeautjes in te slaan. Want waarom zou je dat in vredesnaam eerder doen, als je daar ook tot op het laatste moment mee kunt wachten.

Om daarna de bus naar het vliegveld te nemen en aldaar de rest van de dag door te brengen tot mijn vliegtuig tegen de avond zou vertrekken. Niets bijzonders dus. Tot ik de avond daarop vernam dat er die middag nabij datzelfde Dizengoff Center een bom ontploft was. Ik had die afgelopen drie maanden (& tijdens een eerder verblijf) echt wel geleerd om te relativeren, maar dit ging me nou niet bepaald in de koude kleren zitten. Hoewel het volgens mij nog enkele weken geduurd heeft voor ik me echt realiseerde wat er nu precies gebeurt was.

Het zou vervolgens nog enkele jaren duren alvorens één van de slachtoffers van die aanslag wederom mijn pad zou kruizen, toen ik in een boekhandel bij toeval een boek onder ogen kreeg, met de titel : Het lied van Bat-Chen.

 

Het verteld het dramatische verhaal van Bat-Chen Shachak, aan de hand van getuigenissen en het dagboek dat ze vanaf 1991 had bijgehouden, en waarin ze veelal in dichtvorm verslag doet van de Israelische realiteit zoals de golfoorlog, de vredesonderhandelingen en de moord op Yitschak Rabin, en de uitwerking die dat heeft op haar en haar leeftijdsgenoten :

Is het overdreven erover te dromen
veilig te lopen
door de straten van het oude jeruzalem

Het boek eindigt abrupt op 4 maart 1996 wanneer ze op haar verjaardag tezamen met nog twee vriendinnen omkomt bij een bomaanslag te Tel-Aviv. Ze werd vijftien jaar oud.

**



Berichten uit een kippenhuis (fragmenten) (2)




Hoewel werkzaam in de keuken, alwaar ik me voornamelijk bezig hield met het jassen van aardappelen, het schoonmaken van vis en het reinigen van jozef mag weten hoeveel potten en pannen., werd ik door de werkplanner voor enkele dagen uitgeleend aan de kippenfarm, om te assisteren bij het inrichten van de kippenhuizen.

Wat bestond uit het neerleggen van pallets, het ophangen van broedhuisjes, het aanleggen van de lopende band waarover de eieren naar de voorkant van het gebouw getransporteerd diende te worden, en het ontvangen van het benodigde pluimvee, dat uit zowel haan als hen bestond, en die op verschillende grote opleggers werden aangevoerd.

Honderden plastic kratten met pluimvee moeten er die dag door mijn handen zijn gegaan, allen rechtdoor, op een rails naar beneden de kippenhuizen in, alwaar ze door de kibbutzniks, uit hun benarde posities bevrijd werden. Voor even.

**

De kippenfarm lag aan de rand van de kibbutz, vanwaar je met helder weer een prachtig uitzicht had op Haifa en het daarachter gelegen Carmelgebergte. Het complex bestond uit vier kippenhuizen, een opslagruimte en een kantoor annex kantine & was volledig ingericht op het produceren van een nieuwe pluimvee generatie.

Nadat je de eieren vanuit je kippenhuis naar de opslag had gebracht, werden ze aldaar, onder een lamp doorgehaald om te zien of de hanen hun werk wel hadden gedaan, of dat ze gewoon ter consumptie konden worden aangeboden. Wanneer er daadwerkelijk bevruchting had plaatsgevonden kregen ze een speciale stempel en werd de hele kar een ruimte ingereden, alwaar ze met één of ander naar goedje ontsmet werden, & nee daar had ik verder geen gedachten bij.

**

Wanneer je de kippenfarm betrad, kwam je eerst in een kleedruimte waar je je van je gewone kleding diende te ontdoen, om vervolgens onder de tussenliggende douche te stappen & je uiteindelijk in kleedruimte nummer twee te hullen in je werk kloffie. Om er voor te zorgen dat er niets van buitenaf bij de toch al zo kwetsbare kippen kon komen. Dat de wind vrij spel had, heb ik altijd voor het gemak maar buiten beschouwing gelaten.

En dan was er koffie. Van die instant shizzle waar ik waarschijnlijk toch wel een maand of twee over gedaan heb om het ook daadwerkelijk als koffie te gaan beschouwen.

Ondertussen had ik klaarblijkelijk genoeg bewezen om van de baas himself mijn eigen sleutel te ontvangen, tezamen met de verantwoordelijkheid om zelfstandig een van de kippenhuizen te runnen. In tegenstelling tot andere werkplekken op de kibbutz, kon ik voor een groot deel mijn eigen plan trekken, mijn eigen uren bepalen, zolang het werk maar af kwam. Al snel lagen er dus de nodige boeken en schrijfmaterialen naast de sorteermachine, die natuurlijk wel eerst ontsmet diende te worden. Wat ik bij de werken van Henry Miller dan wel weer een amusante bijkomstigheid vond.
 
**
 
Buiten het kippenhuis stond een groene container waar de dode kippen in moesten. Een container die overigens de hele dag in de zon stond. Maar op een gegeven moment rook je dat niet meer. Datzelfde goldt voor de mest die zich in de loop der tijd onder de palets verzamelt had. Je rook het niet meer.
 
Met een geassimileerde neus was het bussiness as usual.
 
**
 
in de verte
krijste een pauw
 
terwijl ik mezelf
& morgen zocht
 
eieren rapend
boven meedogenloos beton

dinsdag 6 augustus 2013

De liefde voor het boek....




De liefde voor het boek zit er al van jongs af aan in. Zolang ik me eigenlijk kan herinneren, en dus nog lang voordat ik zelf lezen kon, omgeef ik me met boeken. Absorbeer ik elk beeld, elk verhaal dat maar op mijn pad komt.

In de bibliotheek heb ik mijn moeder dan ook de nodige hartverzakkingen bezorgd door telkens weer de dikste boeken uit te kiezen, die ik maar vinden kon, en die zij me dan vervolgens voor mocht lezen. Waarbij ik haar overigens wel steeds te kennen gaf, dat ze over twee weken weer terug moesten.

Toen ik op mijn zesde in het ziekenhuis lag, plunderde ik elke ochtend de bibliotheek en bezaaide mijn bed met boeken. Het was een kwestie van bladeren en kijken, maar toch. Het gaf me een soort van gelukzalig en geruststellend gevoel dat nooit meer weg is gegaan. En wanneer 's middags mijn ouders op visite kwamen en weer een aflevering uit de gouden boekjes reeks voor me meebrachten was het feest compleet. Die boekjes heb ik nog, net als de littekens.


kibbutznotities (1)



Miriam bewoog zich voort op een driewieler, in verband met parkinson. Of in ieder geval een vorm daarvan, waar de doktoren maar moeilijk een fysieke reden voor aan wisten te voeren. Ze had de kampen overleefd, maar daar waren er meer van.

En elke dag reed ze met haar fietsmand vol met tupperware richting de eetzaal, waar ze die dan tot aan de nok toe vulde, met wat ze maar tegenkwam. Al dan niet gevolgd door kritische en afkeurende blikken.

Om vervolgens weer terug te keren naar haar kibbutzwoning, waar ze sinds jaar en dag samenwoonde met haar man, en met angsten waar ik wel nooit een duidelijk beeld van zal krijgen.

**

Op de kibbutz had je twee winkeltjes waar je als vrijwilliger je boodschappen kon doen. De een was vergelijkbaar met een kruidenier terwijl je bij de ander terecht kon voor fruit en zuivelproducten.

De laatste werd gerund door Ester. Die ooit in Praag geboren was en na de nodige omzwervingen zoals ze dat zelf noemde rond 1950 in Israël terecht was gekomen. Ik kwam daar dagelijks om een bakje yoghurt te kopen, maar bovenal voor de gesprekken. Waarin de omzwervingen, plaatsen werden, namen kregen, en dat er mensen waren, met gezichten, die je aan kon raken.
 
Die ik met me mee zou dragen alsof het mijn eigen herinneringen waren. En ergens zijn ze dat ook,

**

Even buiten de kibbutz lag de begraafplaats – als een eiland in het midden – omgeven door broccoli en andere gewassen en enkel door een smal zandpad met het leven verbonden – of wat daar voor door mocht gaan – op snikhete zomerdagen als deze.

Ik blijf me er echter over verbazen – dat ik er nooit eens heen ben gelopen. Vooral aangezien begraafplaatsen – doorgaans toch – een bijna onweerstaanbare aantrekkingskracht op me uit oefenen. Zelfs die in mijn geboortedorp, want hoeveel dichter kun je komen tot de essentie van de dood, als in de plaats waar je bent opgegroeid. Maar hier dus nooit

De reden daarvoor? Ik heb het altijd op de mogelijke aanwezigheid van slangen gehouden. Een overzienbare angst. Ik teken ervoor.

**

mijn gehele leven ben ik al gebiologeerd door bibliotheken – en al met al heb ik er dan ook de nodige van binnen gezien – waaronder een artis bibliotheek - een bibliotheca thysiana te leiden - die van het teylers museum - the trinity & marsh's library te dublin - the british library te londen, – maar toch kan geen van de bovenstaande instituten tippen aan de bibliotheek (annex schuilkelder) – waar ik in aanraking kwam met enkele van mijn favoriete schrijvers zoals jd salinger, james agee & henry miller (zoals ik hem nog nooit eerder gelezen had)

waar ik voor een periode van negen maanden iedere zaterdagochtend klokslag 10 voor de deur stond – popelend (wat me dan weer aan simon vinkenoog doet denken – maar dat is een ander verhaal) om mijn hand te leggen op de essays van orwell of the innocents abroad van twain

waar ik me ondanks het armoedige interieur – de vaak in slechte staat verkerende boeken – werkelijk geconfronteerd wist met de liefde voor het woord – zoals ik dat hoogstwaarschijnlijk nooit meer ervaren zal – zoals ik ook de oude ishmael nooit meer vanachter het volgestapelde bureau omhoog zal zien komen – om weer eens een nieuw pareltje uit de wereldliteratuur tevoorschijn te toveren – om me toe te vertrouwen – dat er nooit – maar dan ook echt nooit – een einde aan zal komen.


**

Met dezelfde soort permanent marker, waarmee ik nu mijn tekeningen vervaardig, schreef ik twintig jaar geleden mijn nummer in kledingstukken, Nummer vijftien als ik me niet vergis. En ergens in de kast moeten er vast nog wel enkele van deze gemerkte kledingstukken te vinden zijn. Je zou je bijna af gaan vragen wat er, on the end of the road, daadwerkelijk permanent zal blijken.

Voor de sokken en de onderbroeken had iedereen overigens zijn eigen linnen waszak. En geloof het of niet, ik ben daar dus nog nooit één sok kwijtgeraakt. Lang leve de waszak, lang leve de gründlichkeit.

Twee keer in de week werd de was van ons volunteers in alle vroegte naar de wasserette gereden om 's avonds weer netjes gevouwen en gestreken voor ons klaar te liggen. Weer een zorg minder. Zoals ons wel meer uit handen werd genomen. Werken, eten, lezen, zuipen, en indien er nog tijd overbleef slapen. (en ja – over bepaalde zaken praat je niet – die voer je uit) Meer hoefde we niet te doen, en ik kan niet ontkennen daar nog geregeld naar terug te verlangen.

Er is zelfs een moment geweest dat ik er serieus over nadacht om me daar te vestigen, oogkleppen aan te schaffen en me vast te klampen aan een overzichtelijk leventje, zonder al te veel gezeik, zonder al te veel gezeur. Maar het knagende stemmetje met zijn mantra over toekomst en zekerheden, deden me uiteindelijk anders besluiten. Vandaag de dag, zet ik geregeld vraagtekens bij die zekerheden, en vraag me dan ook meer dan eens af wat zoiets mag kosten.

**

Sterven kun je overal, dus ook in een beschermde omgeving als een kibbutz & dat gebeurde dan ook – doorgaans door ouderdom of ziekte – maar zo nu en dan – kwam ook de oorlog dichterbij dan gepland – in welke vorm dan ook.

Zo hoorde ik geregeld het verhaal over een oudere kibbutznik, die gedurende de golfoorlog, naar aanleiding van het alarm, haar toevlucht had gezocht in één van de schuilkelders, in paniek een gasmasker over haar hoofd had getrokken, maar door diezelfde paniek vergat het ademkanaal open te zetten. Waardoor ze uiteindelijk ergens in een hoekje gestikt moet zijn. Want zeuren doe je niet, en hulp vragen net zo min.

**

maandag 5 augustus 2013

Berichten uit een kippenhuis (fragmenten) (1)


 
De eerste dag in het kippenhuis zat erop.

Onder de douche inspecteerde ik mijn benen, en stuitte op de ene na de andere blauwe plek. Voornamelijk rond de kuiten, maar ook mijn bovenbenen waren niet ongeschonden uit de strijd gekomen.

Ik had er om humane redenen nog voor gekozen om de stok, waar je gebruikelijk de op de grond belandde eieren mee opraapte, niet tegen de continu in de aanval schietende hanen te gebruiken.

Ik was me op dat moment nog niet bewust van het kortstondige geheugen van dit pluimvee, maar ik betwijfel of dat veel invloed zou hebben gehad op de ontwikkeling van mijn slagvaardigheid. Had de kibbutz een honkbal team gehad dan had ik daar, enkele maanden later, zeker niet in misstaan.

**

Bij verwondingen diende je een kip rigoureus de nek om te draaien. Om groter leed te voorkomen, zo meldde het handboek.

Wanneer je dat om welke ethische reden dan ook niet zou doen, zou je jezelf later bij het oprapen van diezelfde kip, nog lelijk kunnen vertillen, aangezien het dier dan ineens een stuk lichter zou blijken dan dat je van tevoren had ingeschat.

Door goed bedoelde instincten mishandelt & leeg gevreten. Het deed me ineens aan oorlog denken. Zo grondig, zo af.
 
**

De eieren die van de lopende band kwamen diende op gewicht gesorteerd te worden. In het begin gebruikte je daar nog een weegschaaltje voor, maar geleidelijk aan wist je eigenlijk meteen in welke categorie ze thuishoorde en was de stroom zo weggewerkt.

Zes keer per dag stond je dus achter de sorteermachine, en zes keer per dag maakte je een rondje door het kippenhuis om wat eieren te rapen, wat dooie kippen te verwijderen en in het geval van kale plekken op de cementen vloer wat zaagsel te strooien. De rest van de dag zat je buiten in het zonnetje. Een peuk te roken, aan je flacon met vuurwater te nippen of je ogen open te houden voor mogelijke slangen.

Niet dat ik er gedurende mijn verblijf nou daadwerkelijk zóveel gezien heb, maar toch, die enkele die mijn pad gekruist hadden waren voldoende om me alert te houden. De eerste keer was ik me in ieder geval te pletter geschrokken. We waren er net een aantal dagen, toen ik blootsvoets mijn op palen staande volunteersbarak verliet, en er, vlak voordat mijn voet de grond raakte, een flinke slang onder het gebouw vandaan schoot. De ruimte tussen voet en slang verwaarloosbaar. De weken daarna zag ik er meer, maar eerlijk gezegd wijd ik dat voornamelijk aan de angst, die er wel degelijk in was gekropen. Als een slang in je slaapzak.
 
**
 
Hoewel ik verschillende malen, duidelijke sporen van een vos had aangetroffen in het kippenhuis, de wijze waarop een vos te werk gaat op het gebied van onvrijwillige euthanasie, is immers zeer verschillend van hoe een kip het aan zou pakken, de kip werkt namelijk haast chirurgisch terwijl de vos een slagveld achterlaat, heb ik slechts één keer daadwerkelijk een vos gezien.
 
Ik liep richting de halte even buiten de kibbutz om de eerste bus naar Nazareth te pakken, toen hij/zij mij vanaf het midden van de weg, aanstaarde, alsof het me vragen wilde, wat ik in vredesnaam aan het doen was, op mijn vrije dag, met een kop als een gympie, terwijl het regende. Om vervolgens de heuvel op te sloffen, en zonder maar één keer om te kijken achter de watertoren uit beeld te verdwijnen. Er zijn mensen die hier een betekenis achter zoeken.

Niet doen.

donderdag 1 augustus 2013

een keuze uit de julinotities

een kort gedicht voor delphine

de schizofrene apothekerszoon waar ik ooit verliefd op was
is vanmorgen voor de trein gesprongen

hij ontkent dit

& wijst me op de gevaren
van het nieuwste medicijn tegen voetschimmel

je zou er klapvoeten van kunnen krijgen

of een loopneus

zijn aramees
is niet meer  wat het geweest is
 
**
 
dat ik als negenjarige
tijdens pim pam pet

de vraag
noem een dier met een t

beantwoordde
met de tasmaanse tijger

is niet veel meer dan een voetnoot
 
**
 
kuala lumpur airport

fuck

als dat
robert
creeley
niet is
 
**

vader 

vanmorgen
reed er een blauwe eend door de straat

zo één die we vroeger ook bezaten

waarmee we ooit de gross glockner bedwongen
met een kano & surfplanken op het dak

er zat zelfs
een neutronenbommen sticker op de achterkant

één enkele traan was voldoende geweest

 
**
 
wanneer je als dertienjarige jongen
midden in de nacht & zwetend wakker wordt

in de kruipruimte onder john wayne gacy's huis
kun je je van alles af gaan vragen

rondkijken is ook een optie
 
**
 
reisnotities 

het meisje
in de metro

was niet veel blinder
 
**
 
het zijn louter golfbewegingen

je moet je ogen op de horizon houden
daar is het te doen jongen

precies tussen die twee kerktorens door
 
**
 
toen johannes theodor baargeld

in 1920
de dadabeweging de rug toekeerde

lag de sneeuw

er op de aiguille de bionnassay

nog bewegingsloos bij
 
**
 
we vulden de watertank
met bladmuziek

het had iets
met ironie van doen

met de wolven
rond ons bed
 
**
 
actaeon revisited

 ik hoor het water
een bad dat volloopt

dijen zinkend in mist

we hadden de honden
beter naar buiten gedaan

 **



 
 
 
 

zaterdag 27 juli 2013

een kort gedicht voor delphine


de schizofrene apothekerszoon waar ik ooit verliefd op was
is vanmorgen voor de trein gesprongen

hij ontkent dit 
 
& wijst me op de gevaren
van het nieuwste medicijn tegen voetschimmel

je zou er klapvoeten van kunnen krijgen

of een loopneus

zijn aramees

is niet meer wat het geweest is

dinsdag 23 juli 2013

een keuze uit de tournotities

nice - nice

in 1910

toen adolphe hélière
op een rustdag te nice
in zee verdronk

had je geen tijdritten

laat staan per ploeg

je reed voor jezelf
tot het bloed
je uit de schoenen liep

& niemand die het aanvulde


**

op de top
van de tweede beklimming

stuitte ik vannacht
op ijssalon bahamontes

de smaken
ben ik vergeten

maar dat het hoorntje lekte

 
**

vandaag doet het peloton de ventoux aan – een berg waar mollema nog nooit tegen op gereden is – maar kennis is niet altijd van belang vind maarten & trakteert ons op een weetfeitje over de franse dichter petrarca die in de 14e eeuw de kale berg te voet bedwongen heeft & nog 44 kilometer tot bedoin

**

naast de televisiebeelden van joops triomftocht door frankrijk of mijn aanwezigheid bij de beklimming van de joux plane een jaar later – is mijn liefde voor het wielrennen voor een groot deel aangewakkerd door radio tour
 
de flitsen en verhalen die ons op de camping bereikten – spraken niet enkel tot de verbeelding maar legden ook de heroiek van de wielersport bloot – je zat in de koers – je kon de wielen horen – de massageolie ruiken
 
je lag samen met johan van de velde in het ravijn van de col de la madeleine & voelde de leegte die michel laurent achterliet nadat je hem eigenhandig in de hekken had gereden – maar jij juichtte wel & hartstochtelijk tot je je besefte in welke land de ronde ook al weer gehouden werd – de verontwaardiging van de verslaggever was de jouwe 
 
zo stond elke zomer drie weken lang bol van de nostalgie nog voor je radio weer uit zette – want batterijen waren niet gratis

**

IN TIJDEN VAN CHOLERA

als wielerliefhebber zit je toch maar mooi in je maag met iemand als christopher froome – zijn forcing op de ventoux was meer dan indrukwekkend & er lijkt op het moment dan ook werkelijk geen kruid tegen de man gewassen te zijn – zijn levensverhaal leent zich daarnaast uitstekend voor verfilming – aan karakter ontbreekt het hem ook al niet & toch mis ik iets of zie ik iets over het hoofd

tijdens de laatste kilometers van de ventoux moest ik bijvoorbeeld steeds weer aan een tekening van esscher denken – & wel aan een trap die naar beneden loopt maar hoger uitkomt – het koffiemolentje van de zittende, schuddende en onooglijk bewegende froome tegenover de dansende rasklimmer contador - nu weet ik ook wel dat het oog niet altijd getrakteerd kan worden – de schaatsstijl van gunda niemann, de looptechniek van zatopek – die overigens net als froome het hoofd scheef in de nek hield tijdens het leveren van grote inspanningen – zagen er immers ook niet uit maar hard ging het wel – terwijl de oostenrijker christian eminger misschien wel één van de meest technisch begaafde schaatsers van de vorige eeuw was – maar nooit in staat bleek een podiumplaats te behalen

zoals gewoonlijk bij het leveren van indrukwekkende prestaties wordt er ook nu meteen van alles geroepen over doping – maar daar gaan we het niet over hebben – aangezien ik er wel degelijk van overtuigd ben dat het voor een groot deel zit in aanleg, trainingsarbeid & de wetenschappelijke benadering van sky – in zaken als het ovalen tandwiel (de wielervariant van de klapschaats?) – het denken in trapvermogen etc

& mogelijk is dat wel juist het punt waar de schoen wringt – dat ik nog steeds naar het wielrennen kijk als dat jongetje van negen op de flanken van de joux plane – met het idee dat sterven voldoende is

**

het was in het jaar des heren 1990 dat ik de alp beklom – enkele dagen voor de tour er zou finishen – enkele dagen voor erik breukink een gat van bijna twee minuten dichtreed op lemond delgado bugno – maar de etappe uiteindelijk niet wist te winnen

daarop terugkijkend hou ik mezelf altijd voor dat hij daar doelbewust voor koos aangezien de hollandse dominee die in het verleden bij een nederlandse overwinning altijd de bel luidde daar op dat moment niet meer resideerde – maar daar wil ik met alle liefde naast zitten – hoewel het mij toendertijd zeer aannemelijk in de oren klonk – de remontre van breukink was sowieso vertekend aangezien de heren vooraan enkel oog voor elkaar leken te hebben – in de jaren vijftig hadden we dat gewoonweg niet geweten

daags na de touretappe zou ik nogmaals de alp beklimmen maar werd tussen de camping en bourg d'oisans door een waarschijnlijk oplettende automobilist in de greppel gereden – waarbij mijn voorwiel kromtrok en ik onverrichter zaken weer tentwaarts kon keren

de alerte lezer zal ondertussen gemerkt hebben dat ik vooralsnog met geen woord gerept heb over mijn ervaringen tijdens mijn beklimming van de alp – opdat de uwe weer anders zal zijn

**

vandaag gaat de tour dus twee keer de alp op – ik hou mijn hart vast – naast het feit dat de afdaling van de col de sarenne levensgevaarlijk is – is het twee keer doorkruizen van een zee gevuld met door drank en enthousiasme dronken geworden toeschouwers ook geen kleinigheid – mozes zal zijn handen er nog vol aan krijgen

beelden van een vallende guerini – van de colombiaan parra die de overwinning van rooks nog aardig in gevaar had kunnen brengen, ware het niet dat hij zich tot twee keer toe vastreed in een haag van motoren – staan ons vast en zeker nog helder voor de geest

ik hoop dan ook van harte dat er niets gebeurt wat gelinkt kan worden aan de drukte op de berg – je moet er toch niet aan denken dat het daarmee de laatste keer zou zijn dat de tour – of dat er voortaan 28 kilometer aan dranghekken nodig zijn om

de weergoden zullen hoe dan ook bepalend zijn – dan wel negatief met betrekking tot de afdaling – dan wel positief met het besprenkelen van die ene heethoofd die het feestje voor een ieder – want regenen zal het

en voor even zit ik weer op een camping te frankrijk in de jaren tachtig te luisteren naar radio wereldomroep terwijl jan pelleboer de stemming in de tent – die steeds kleiner wordt aangezien we in verband met de regen niet tegen het tentdoek aan mogen zitten – nog verder naar beneden brengt

**
 
morgen gaat de etappe richting le grand bornand – wat klinkt als een aankomst bergop – maar schijn bedriegt – zoals het aantal klimkilometers van deze etappe ook al meer doet verwachten – oke we worden getrakteerd op onder andere de col du glandon (1924m) col de la madeleine (2000m) & de col de la croix fry (1477m) – maar de eerste twee liggen te ver van de finish om voor grote ontwikkelingen te zorgen – althans dat valt te vrezen – dus als er al wat gaat gebeuren met het oog op de algemene rangschikking dan zal dat naar alle waarschijnlijkheid op de laatste beklimming van eerste categorie moeten gebeuren of in de 10 kilometer lange afzink naar de finish

maar hoe ze het ook wenden of keren ik zal vanaf de start aan de buis gekluisterd zijn om in ieder geval niets van de beklimming van de glandon te missen – om weer even terug te mogen keren naar het jaar 1990 dat ik mezelf als anti klimmer de bergen over wist te hijsen – want een ander woord is er eigenlijk niet voor de bergvariant van stoempen die ik hanteerde – souplesse komt immers in mijn wielerwoordenboek niet voor – kijk naar het klimmen van voigt vandaag of naar üllrich in het verleden en u heeft een idee – qua stijl dan in ieder geval – want de snelheden blijven geheim – als in de hoogtijdagen van de stasi

een ander verschil met de renners in de tour de france van vandaag de dag was dat ik nog wel verplicht was – of althans zo voelde dat - om op de verste punten van mijn route een stempeltje te halen – als bewijsvoering voor het thuisfront – een verplichting die ik heel serieus nam – zodat ik na een kilometer of tien in de afdaling richting bourg d'oisans – weer rechtsomkeert diende te maken – aangezien ik inderdaad u raadt het al mijn stempeltje vergeten was – tien lange maar leerzame kilometers aangezien ik me in de jaren erna niet meer kan heugen ooit nog een stempeltje vergeten te zijn – maar daar hoeven de mannen zich morgen niet druk over te maken en daarnaast zal de hoeveelheid aan losgelagen idioten naar alle waarschijnlijkheid ook een stuk lager liggen – al zullen dat voor bauke wel de laatste zorgen zijn
 
**
 
we maken allemaal fouten – ik zelf ben daar geen uitzondering op – maar wanneer je betaald wordt om de nederlandse televisiekijker van informatie te voorzien zou het toch best wel aardig zijn indien de verstrekte gegevens ook daadwerkelijk ...zouden kloppen

wanneer maarten in de afdaling van de glandon meldt dat johan van der velde daar ooit het ravijn in is gereden – staan de haren op mijn armen weer recht overeind – ten eerste omdat ik de beelden weer voor me zie alsof het gisteren was – het vertrokken gezicht in de diepte – de alleszeggende hand rond de elleboog – maar bovenal aangezien het in de afdaling van de col de la madeleine plaatsvond

jammer dat er vandaag nauwelijks kastelen en aan oorlogen en katharen tenonder gegane kloosters voorbij komen – want die gegevens kloppen doorgaans wel

**
 
als de temperatuur buiten ook maar enigszins richting warm begint te kruipen – moet ik aan jan roelof kruithof denken – hoe die zich voorbereidde op de alternatieve elfstedentocht in finland of zweden door enkele uren per dag op een hometrainer in een vriescel door te brengen

achteraf bleek dat allemaal in scene gezet – ter bevordering van de kijkcijfers – van de heroiek – geen idee hoe ik dat precies te weten ben gekomen – maar het zal wel met dezelfde achteloosheid omgeven zijn geweest – als toen een vriendje mij op een warme zomerdag toevertrouwde dat sinterklaas niet bestond – je krabde jezelf even achter de oren en ging weer verder – maar elke keer als ik een stoomboot zag

en vandaag rijdt het peloton van annecy naar annecy

**

vannacht reed ik zij aan zij met jean robic de alpe d'huez op – terwijl hij me onderweg in geuren en kleuren vertelde over zijn coup in de laatste etappe van die gedenkwaardige tour van '47 – toen op het allerlaatste moment het algemeen kla...ssement nog op zijn kop werd gezet en robic de tour won – zoals hij aan zijn toekomstige vrouw beloofd had

hoewel er tegenwoordig niets bijzonders meer gebeurt in die laatste etappe – hinault en zoetemelk waren de laatste die los van de rest de champs elysee opdraaide - en froomes zegen al zo goed als vast lijkt te staan - kan ik me toch niet voorstellen dat deze droom voor jan joker tot me kwam – dus is de focus geheel gericht op vandaag – al was het slechts een poging

het is een korte etappe - dus laten we eens niet wachten tot aan de voet van de semnoz – maar gewoon vanuit de start – als een juniorenkoers te honselersdijk - en elke klimmende en dalende kilometer te benutten om froome het vuur aan de schenen te leggen – gewoon 125 kilometer volle bak – geen oog voor de dagjesmensen in het peloton – alles op het klassement – opdat een fascinerende tour het slot krijgt dat ie verdient

**
 
over rasklimmers zoals gaul, bahmontes, van impe, herrera, pantani etc – zijn boeken vol geschreven – en binnenkort zal ook quintana er aan moeten geloven – maar over de krachtklimmers – de zogenaamde alpenstoempers – hoor je maar weinig

natuurlijk kun je stellen dat de mont revard geen al te steile klim is – maar de wijze waarop voigt vandaag op het buitenblad al zijn medevluchters zoek reed was meer dan indrukwekkend – zoals eigenlijk alles wat deze 41 jarige duitser op een fiets laat zien - niet hannibal maar diens olifanten zouden de geschiedenisboeken moeten domineren

wat mij betreft geven ze de bolletjestrui van vandaag aan dit karaktermens – of roepen ze desnoods een nevenklassement in het leven - alles beter dan een rolland – die op de eerste beklimming regulier geklopt wordt – om vervolgens zijn tegenstander als door een slang gebeten op de tweede beklimming domweg klem te rijden

als ik igor anton was had ik het wel geweten – maar ja – de camera's – altijd weer die camera's – vooral indien het ook nog eens een fransman is die het in de regiewagen voor het zeggen heeft – om over jury's nog maar te zwijgen – en de duitse televisie - die doet er zelfs helemaal het zwijgen toe

maar voigt - die goeie ouwe trouwe voigt - stoempt moedeloos voorwaarts - en zwaait ondertussen op een afgesproken punt glimlachend naar zijn kinderen

**
 
sinds ik het wielrennen volg heb ik naast de voor de hand liggende helden als hinault, merckx en coppi – altijd een enorm zwak gehad voor de eeuwige aanvallers – renners die kijkende naar hun erelijst misschien niet datgene uit hun carrière... hebben gehaald – wat er qua talent wel degelijk in had gezeten - maar die hun hart volgde

renners die zichzelf – verslaafd aan het fietsen – aan het afzien – gewoonweg niet in konden houden – en er het liefst vanaf de start invlogen – die in elke kopgroep met gejuich ontvangen worden – waar iedereen mee door wil rijden – aangezien men weet dat ze geen beurt op kop over zullen slaan – die de eretitel dwangarbeider van de weg waardig zijn – die ondanks hun mogelijk beschermde status in andere koersen geen moment zullen twijfelen om voor hun kopman de kloten er af te draaien

het zijn renners als wegmuller, flecha en voigt die voor mij dan ook de kers op de wielertaart vormen – en wanneer zo'n renner tijdens de beklimming van de alpe d'huez ook nog eens rechtsomkeert maakt – omdat hij in zijn ooghoeken heeft gezien – dat de bidon die hij doelbewust aan een jongetje gaf - in de handen van een volwassen kerel terecht is gekomen – en hij van mening is dat dat even rechtgezet moet worden – zoals voigt afgelopen donderdag deed – dan gaat mijn wielerhart nog harder kloppen en kan ik me al helemaal niet meer voorstellen dat er een mooiere sport bestaat
 
**





woensdag 26 juni 2013

een keuze uit de juninotities (2)

bij de ingang van kamp büchenwald
ontwaarde ik ooit een dame

die voor de gelegenheid een legging
met tijgerprint had aangetrokken

omstanders spraken er schande van

daarentegen trapte ze niet veel later
wel netjes haar peuk uit

voor ze het crematorium betrad

**

aan de rand van de kibbutz
lag god begraven

de hond van ishmael
had een mooi leven gehad

**

Notities uit een kippenhuis

Bij verwondingen diende je een kip rigoreus de nek om te draaien. Om groter leed te voorkomen, zo meldde het handboek.

Wanneer je dat namelijk om welke ethische reden dan ook niet zou doen, zou je jezelf later bij het oprapen van diezelfde kip, nog lelijk kunnen vertillen. Aangezien het dier dan ineens een stuk lichter zou blijken dan dat je vantevoren had in geschat.

Door goed bedoelde instincten mishandelt & leeggevreten. Het deed me niet eens aan oorlog denken. Zo grondig, zo af.

**

kindersurprise

& b.
bakte een duivenei

**

Eén van mijn favoriete omwegen liep langs het St. Willibrord te Heiloo, alwaar ik steevast werd aangemoedigd door één van de bewoners, die dan uit volle borst de naam van Zoetemelk scandeerde & met me mee rende zolang het hek dat toeliet.

Weer of geen weer.

Ongeacht de mening die de heren doktoren er op na hielden, was zijn enthousiasme allesbehalve seizoensgebonden te noemen. & op het fietspad liggen altijd blaadjes.

**

Er waren van die dagen dat moeder niemand in haar buurt duldde. Als een op scherp gezet autoalarm.

Het vallen van een enkel blaadje zou dan zomaar voldoende kunnen zijn. De vraag of het wel of geen pijnlijke dagboeknotities bevatte, deed dan nauwelijks nog terzake.

(wordt vervolgd)

zondag 16 juni 2013

een keuze uit de juninotities (1)

dat er wolken waren

waar je jezelf - nog lelijk
aan open kon halen

het sportfondsenbad
bleef gesloten die dag

& de mijnwerkers
haalden hun kleedjes binnen

**

onderaan de trap
stond een taxichauffeur

die door niemand gebeld was

zo'n nacht (dus) & jij
begint over zwoel

**

droom 6 VI

dat ik op een begraafplaats sta
& vergeten ben

hoe je ook alweer
een vlag behoort te vouwen

de vrouwen in het zwart
houden alles in de gaten

& kiezels kreunen niet


**

uur u

we slopen de trap op
om vader te zien

vanuit het donker
klonken woorden

die we ooit
uit ons hoofd kenden

**

in het aquarium
lag

een praam verzonken

**

& nadat
het geregend had

kietelde het gras niet meer

**

's morgens
had de fauteuil

de hond nog uitgelaten

**

hij liep al langer met het idee

een gedicht te schrijven - waarin
een duiker werd opgevoerd

als in een afwateringsbuis
onder het wegdek

er kwamen kinderen in voor

salamanders
& een schepnet

**

zaterdag 18 mei 2013

een keuze uit de meinotities

maak nie saak nie

alles sal regkom

ek noem
die hande
van ouma

die plooie
wat spoorloos

van haar gesig

**

vliegtuigen
zijn weinig poëtisch
vond ze

wel zat er altijd
verdomd veel
muziek in

**

bonifatius
& afslagen

het zou nooit wat worden

**

vanmorgen
de rotanstoel
bij het grofvuil gezet

& geen idee of moeder

er nog inzat

**

het had geregend die dag
vader maaide het graf

van de cavia de hamster de hond
die ooit met een verre neef

aan namen deden we niet
& nummers lagen gevoelig

**

zaterdag 11 mei 2013

afrikaans gedig

maak nie saak nie

alles sal regkom

ek noem
die hande
van ouma

die plooie
wat spoorloos

van haar gesig

zondag 5 mei 2013

5 mei 1981



op het prikbord
hingen krantenknipsels
over bobby sands

bij thuiskomst

vroeg je steevast
of hij nog leefde

je was negen
& de wereld voldeed

vrijdag 26 april 2013

***

vond vandaag in de plaatselijke kringloopwinkel voor weinig een aantal nieuwe titels voor mijn bibliotheek waaronder dit kunstboek over Jaap Wagemaker


een keuze uit de aprilnotities (1)

er stak een wodkafles
uit jouw schedel vannacht

& het park deed me
aan een schaakbord denken

**

kibboets (fragment)

& de vraag
in hoeverre
muskieten

bestand waren
tegen inkt

**

hoe lang het al niet geleden was
dat je nog russische supermarkten
op de televisie zag

je had nog nooit van boris ryzjy gehoord
& je lego al lang & breed bij een neefje beland

ondertussen vierdehands - maar hij was er blij mee

zei moeder

**

amstel (2013)

het geluid
van paarden op asfalt

een kataklop
van doodseskaders

& sluipschutters
in het hoge gras

ze spraken
russisch vandaag

ze spraken
te laat

**

& de grenswacht sloeg
zijn bijbel open

**

aan de dood
zal het niet liggen zei moeder

daar krijgen we nog geld van

**

dat het opstel over boten moest gaan & jij
enkel aan zinken kon denken

aan de torpedo's van marsman

want in haperende machinekamers
geloofde je allang niet meer

**

kibboets (een fragment)

dat ze esther heette & de kampen had overleefd

maar daar waren er meer van

zoals ze zich dagelijks - op haar driewieler richting
de eetzaal begaf - de fietsmand vol met tupperware
dat in de keuken tot aan de rand gevuld zou worden
met wat ze ook maar tegen mocht komen - & dat
voor twee personen

& altijd weer de blik op oneindig - opdat het rijmde
opdat het sloot

**

maandag 15 april 2013

amstel gold race 2013

het geluid
van paarden op asfalt

een kataklop
van doodseskaders

& sluipschutters
in het hoge gras

ze spraken
russisch vandaag

ze spraken
te laat

guthrie, sacco & vanzetti

15 april 1920 : De anarchisten Nicola Sacco & Bartolomeo Vanzetti vermoorden naar verluidt twee bewakers wanneer zij een schoenwinkel beroven.

zondag 14 april 2013

zaterdag 13 april 2013

amstel gold race

Morgen is het weer tijd voor Limburgs mooiste.

Om in de stemming te komen even wat oude beelden.



Deze eerste editie van 1966, zou meteen ook een gedenkwaardige worden.

In plaats van de geplande 260 kilometer werden er namelijk maar liefst 302 kilometers afgelegd, alvorens een deel van het peloton de finish bereikte.

In verband met koninginnedagfestiviteiten in veel van de op de route gelegen dorpskernen & wegwerkzaamheden diende het parcours op verschillende punten aangepast en uitgebreid te worden.

Maar 260 kilometer is 260 kilometer en geen meter meer. Zoiets moet jacques anguetil gedacht hebben alvorens hij in de remmen kneep. En vele renners met hem.

Kijk het filmpje vooral even uit en blijf aan de lijn zodat er nog vele edities de revue kunnen passeren.

alfred packer

Op 13 april 1883 wordt Alfred Packer schuldig bevonden aan kannibalisme.



Packer werd geboren op 21 januari 1842 te Pennsylvania en was militair en mogelijk berggids van beroep. Eind 1873 voerde hij volgens de overleveringen een expeditie aan van enkele avontuurlijk ingestelde lieden die in de bergen al dromend van diamanten en andere bodemschatten, hun geluk wilde beproeven. Het gezelschap kwam echter in een sneeuwstorm terecht en was zodoende genoodzaakt te overwinteren voor een periode van drie maanden.

Door voedselgebrek zette Packer uiteindelijk zijn tanden in verschillende van zijn expeditiegenoten, na hen eerst met bijlslagen om het leven te hebben gebracht.

In de lente keerde hij in goede gezondheid verkerend terug en toonde geen enkele vorm van wroeging. A man got to do, what a man got to do & daarmee was voor Packer de kous wel af.

Op 5 augustus 1874 tekende Packer een bekentenis en werd gedetineerd, maar wist niet veel later te ontsnappen. In maart 1883 werd hij pas weer gegrepen te Wyoming alwaar hij onder de naam John Schwartze een nieuw leven op probeerde te bouwen.

Op 13 april 1883 werd hij dus uiteindelijk ter dood veroordeeld. Deze straf werd enkele jaren later overigens omgezet in veertig jaar gevangenschap en 1901 was hij weer op vrije voeten.

Het gerucht gaat dat hij ergens voor zijn dood vegetarier was geworden.

Later zijn er verschillende boeken, musicals, films en liederen over Packer verschenen, waaronder:

In the Colorado rockies
where the snow is deep and cold
and a man afoot can starve to death
unless he's brave and bold

oh Alfred Packer
you'll surely go to hell
while all the others starved to death
you dined a bit too well

(uit the ballad of Alfred Packer)

&

vrijdag 12 april 2013

snijders, slauerhoff en de hel van het noorden

In Ik leef aan de rand van de wereld schrijft A L Snijders, "Toen Slauerhoff  stierf, werd ik geboren".

Zoiets schept een band. Al helemaal wanneer beide gebeurtenissen ook nog eens op dezelfde datum plaats hadden gevonden.

Nu zijn er volgens mij op 29 maart 1972 geen dichters overleden, maar toch denk ik te weten waar Snijders het over heeft.

In mij is immers een groot wielrenner verloren gegaan. Een kasseienvreter, een stoemper om precies te zijn, die luisterde naar de naam Antonio Bevilacqua.

Er kan dan ook geen editie van Parijs-Roubaix voorbijgaan, of ik ween een beetje.